30/09/2021

Raad voor Vergunningsbetwistingen kan na cassatie door de Raad van State geen prejudiciële vraag meer stellen aan het Grondwettelijk Hof

Aldus weigert de RvVb in het arrest nr. A-2122-0058 van 16 september 2021 in te gaan op de uitnodiging van de (door de Raad van State in het ongelijk gestelde) verzoekende partij tot het stellen van een prejudiciële vraag op grond van volgende overweging:

‘Artikel 15 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, zoals gewijzigd bij de Wet van 20 januari 2014, bepaalt (…) dat de administratieve rechtscolleges, waaronder de Raad [voor Vergunningsbetwistingen], waarna de Raad van State de zaak naar een arrest van cassatie verwijst, zich gedragen naar dit arrest ten aanzien van het daarin beslechte rechtspunt. De Raad heeft aldus geen bevoegdheid om de beoordeling van de Raad van State als cassatierechter opnieuw ter discussie te stellen en kan de opgeworpen prejudiciële vraag niet stellen’.

Meer tags?