27/04/2021

Ook gemeentebesturen kunnen om een contactverbod vragen om beschermd te worden tegen moeilijke burgers

Met beschikking van 23 april 2021 beslist de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Brugge, tot een contactverbod. De gemeente P. argumenteerde dat verweerder zowel in woorden als geschriften lasterlijk en bedreigend zou zijn, dat de ambtenaren persoonlijk aangevallen worden en de correspondentie hun fysieke en psychische integriteit schendt, zelfs al zou verweerder zich verongelijkt voelen en dat één van de gemeenteambtenaren daadwerkelijk persoonlijk werd gedagvaard.

In een eerste tussenbeschikking werd een tijdelijk contactverbod opgelegd waarbij verweerder enkel mocht communiceren met de raadsman van de gemeente.

In de eindbeschikking van 23 april 2021 wordt het contactverbod verlengd tot uitspraak ten gronde en wordt verweerder vanaf de betekening van de beschikking verbod opgelegd om persoonlijk contact op te nemen met de gemeente P., haar personeelsleden en haar raadsman, waarbij enkel de advocaat van verweerder de advocaat van de gemeente kan aanschrijven met telkens één concrete vraag waarop telkens éénmaal zal worden geantwoord binnen de 10 werkdagen.

De voorzitter overweegt:

‘Bij marginale toetsing dient de kortgedingrechter vast te stellen dat verweerder zelf de communicatie te sterk bemoeilijkt door de wijze waarop hij de tussenbeschikking van 9 oktober 2020 aanwendt om nu ook de gewillig ervaren raadsman van eisende partij persoonlijk aan te gaan op zijn blijkbaar conflictzoekende wijze. De vragen die hij in deze procedure wil voorleggen, draaien telkens om hetzelfde, nl. waarom HIJ niet correct bejegend zou worden. Daarbij blijkt verweerder niet te hebben aanvaard dat slechts één vraag kon worden gesteld en slechts éénmaal een antwoord moest worden gegeven. Er dient in deze omstandigheden en in afwachting van uitspraak ten gronde in de aangevatte procedure voor de rechtbank een aangepast verbod te worden opgelegd.

Waar in de tussenbeschikking reeds een tegenvordering in dwangsom werd verworpen, is er in de thans opgelegde regeling ‘via raadslieden’ zeker geen reden om een dwangsom te overwegen’.

Uiteraard kan een gemeente slechts vragen om een contactverbod in uitzonderlijke omstandigheden, die, aldus de kortgedingrechter, in casu aanwezig waren.

Referentie: Vz. Rb. Brugge 23 april 2021, nr. 2021/4146, ng. (Pub8859-1)

Stel hier je vraag bij dit blogbericht


Dirk Van Heuven Gemeentepersoneel
Meer tags?