13/10/2020

Meindert Gees en Guillaume Vyncke schrijven over de bevrijdende verjaring van een buurtweg

De decreetgever heeft de eerder bestaande bevrijdende verjaring onder de toepassing van artikel 12 Buurtwegenwet, gekoppeld aan artikel 2262 B.W., aan banden willen leggen en heeft zich hiervoor beroepen op de rechtsfiguur van de impliciete bevoegdheden op basis van artikel 10 van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen. Vanaf 1 september 2019 kunnen gemeentewegen dus niet meer (automatisch) verdwijnen door verjaring.

Dit betekent echter niet dat, in lijn met het geannoteerde vonnis, de vrederechter niet bevoegd zou zijn om de reeds ingetreden verjaring vast te stellen. Het gemeentewegendecreet, hoewel per direct en zonder enige overgangsbepaling van toepassing, werd geen terugwerkende kracht toebedeeld. De niet-retroactiviteit van wetten is een waarborg die de rechtszekerheid dient en deze waarborg vereist dat de inhoud van het recht voorzienbaar en toegankelijk is, zodat de rechtszoekende in redelijke mate de gevolgen van een bepaalde handeling kan voorzien op het tijdstip dat die handeling wordt verricht.

(GEES, M. en VYNCKE, G., 'Stille wegen laten van zich horen: de bevrijdende verjaring van een buurtweg in het licht van het niet-retroactiviteitsbeginsel', noot bij Vred. Roeselare 4 februari 2020, RABG 2020, 1095)

Stel hier je vraag bij dit blogbericht


Guillaume Vyncke Meindert Gees