16/12/2014

Secretariaat ('Vlaams') Sociaal-Economisch Comité voor de Distributie verhuist op 1 januari 2015

Na het Interministerieel Comité voor de Distributie, dat reeds op 1 juli 2014 van adres wijzigde, verhuist nu ook het NSECD (secretariaat) naar het Agentschap Ondernemen.

Vanaf 1 januari 2015 zal het secretariaat van het NSECD gevestigd zijn op volgend adres:

Agentschap Ondernemen
Dienst Vestiging en Ruimtelijke Economie
Nationaal Sociaal-Economisch Comité voor de Distributie
Koning Albert II-laan 35,  bus 12
1030 Brussel

Alle briefwisseling voor het NSECD dient aldus vanaf 1 januari naar bovenstaand adres gericht te worden.


Gepost door Leandra Decuyper

Blog Handelsvestigingen
Tags Handelsvestigingen, Leandra Decuyper, NSECD
Stel hier je vraag bij dit blogbericht
29/06/2014

Handelsvestigingenwet vanaf 1 juli 2014 geregionaliseerd! Nieuw NSECD. Nieuw ICD

In het akkoord voor de zesde staatshervorming (”Een efficiëntere federale Staat en een grotere autonomie voor de deelstaten”) is voorzien dat het vergunningsbeleid inzake handelsvestigingen en het Nationaal Sociaal Economisch Comité voor de Distributie wordt overgedragen aan de gewesten.

De overdracht van deze  bevoegdheid gebeurt op 1 juli 2014.

De Vlaamse regering keurde het voorontwerp van decreet m.b.t. het 'integraal handelsvestigingsbeleid' goed. Het is de bedoeling om de nieuwe Vlaamse regeling in werking te doen treden vanaf 1 januari 2015.

Aldus is er een transitieperiode vanaf 1 juli 2014 tot (tenminste) 1 januari 2015. Tijdens deze transitieperiode worden de huidige procedures en werkzaamheden nog verdergezet, met dien verstande dat de samenstelling van het NSECD en het ICD verandert.

Heel concreet betekent dit dat de wet betreffende de vergunning van handelsvestigingen thans een Vlaams bevoegdheid is maar dat het Nationaal Sociaal-Economisch Comité en het Interministerieel Comité voor de Distributie in hun huidige samenstelling hebben opgehouden te bestaan en tijdens de overgangsperiode een zuiver Vlaamse (Brusselse/Waalse) samenstelling zullen hebben.

In het Belgisch staatsblad van 27 juli 2014 verscheen wat Vlaanderen betreft volgend besluit:

'25 APRIL 2014. - Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de samenstelling en de werking van het Nationaal Sociaal-Economisch Comité voor de Distributie en van het Interministerieel Comité voor de Distributie

DE VLAAMSE REGERING,
Gelet op de wet van 13 augustus 2004 betreffende de vergunning van handelsvestigingen, artikel 4 en 11, gewijzigd bij de wet van 27 december 2005;
Gelet op het koninklijk besluit van 22 februari 2005 betreffende de wijze van voordracht en aanstelling van de leden van het Nationaal Sociaal-Economisch Comité voor de Distributie;
Gelet op het koninklijk besluit van 23 februari 2005 betreffende de organisatie en werking van het Nationaal Sociaal-Economisch Comité voor de Distributie;
Gelet op het koninklijk besluit van 12 april 2005 tot vaststelling van de organisatie, werking, vergoeding en incompatibiliteitsregels van het Interministerieel Comité voor de Distributie bedoeld bij artikel 11, § 1, van de wet van 13 augustus 2004 betreffende de vergunning van handelsvestigingen;
Gelet op het koninklijk besluit van 17 maart 2013 tot aanduiding van de leden van het Nationaal Sociaal-Economisch Comité voor de Distributie;
Op voorstel van de Vlaamse minister van Economie, Buitenlands Beleid, Landbouw en Plattelandsbeleid;
Na beraadslaging,
Besluit :

Artikel 1. Dit besluit is alleen van toepassing op de vergunningsaanvragen en beroepen die na 1 juli 2014 ingediend worden op grond van de wet van 13 augustus 2004 betreffende de vergunning van handelsvestigingen, en die betrekking hebben op handelsvestigingen in het Vlaamse Gewest.

Art. 2. Met toepassing van artikel 11 van de wet van 13 augustus 2004 betreffende de vergunning van handelsvestigingen, zal het Interministerieel Comité voor de Distributie bestaan uit de volgende afgevaardigden van de Vlaamse Regering:
1° Steven Van Muylder of zijn plaatsvervanger Tom De Saegher
2° Roel Bruyninckx of zijn plaatsvervanger Michiel Boodts
3° Gaëtane Maes of haar plaatsvervanger Helena Muyldermans
4° Mehdi Koocheki of zijn plaatsvervanger Greg Verhoeven

Art. 3. In artikel 2 van het koninklijk besluit van 12 april 2005 tot vaststelling van de organisatie, werking, vergoeding en incompatibiliteitsregels van het Interministerieel Comité voor de Distributie bedoeld bij artikel 11, § 1, van de wet van 13 augustus 2004 betreffende de vergunning van handelsvestigingen, wordt het eerste lid vervangen door wat volgt:
"Het voorzitterschap wordt waargenomen door Steven Van Muylder of zijn plaatsvervanger Tom De Saegher."

Art. 4. In artikel 17, eerste lid, van het koninklijk besluit van 23 februari 2005 betreffende de organisatie en werking van het Nationaal Sociaal-Economisch Comité voor de Distributie worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de woorden "de federale overheidsdiensten of het koninklijk besluit" worden vervangen door de zinsnede "de federale overheidsdiensten, het koninklijk besluit";
2° tussen de woorden "in de federale overheidsdiensten" en de woorden "niet van toepassing" wordt de zinsnede "of het Vlaams Personeelsstatuut van 13 januari 2006" ingevoegd.

Art. 5. In artikel 2 van het koninklijk besluit van 12 april 2005 tot vaststelling van de organisatie, werking, vergoeding en incompatibiliteitsregels van het Interministerieel Comité voor de Distributie bedoeld bij artikel 11, § 1, van de wet van 13 augustus 2004 betreffende de vergunning van handelsvestigingen wordt het eerste lid vervangen door wat volgt:
"Het voorzitterschap wordt waargenomen door de Vlaamse minister, bevoegd voor de economie, of zijn afgevaardigde.".

Art. 6. In artikel 1 van het koninklijk besluit van 17 maart 2013 tot aanduiding van de leden van het Nationaal Sociaal-Economisch Comité voor de Distributie worden punt 1° tot en met 4° vervangen door wat volgt:
"1° de Vlaamse minister, bevoegd voor de economie: Stefaan Piens
2° de Vlaams minister bevoegd voor de economie: Tom Tournicourt;
3° de Vlaamse minister, bevoegd voor werk: Ann Van den Cruyce;
4° de Vlaamse minister, bevoegd voor mobiliteit: Luc De Ryck"

Art. 7. In artikel 2 van hetzelfde besluit worden punt 1° tot en met 4° vervangen door wat volgt:
"1° de Vlaamse minister, bevoegd voor de economie: Ludo Verheyden
2° de Vlaams minister bevoegd voor de economie: Liesbet Schruers;
3° de Vlaamse minister, bevoegd voor werk: Vincent Vandenameele;
4° de Vlaamse minister, bevoegd voor mobiliteit: Gijs Moors"

Art. 8. In artikel 17 van het koninklijk besluit van 23 februari 2005 betreffende de organisatie en werking van het Nationaal Sociaal-Economisch Comité voor de Distributie, worden tussen de woorden "in de federale overheidsdiensten" en de woorden "niet van toepassing" de woorden "of het Vlaams Personeelsstatuut van 13 januari 2006" ingevoegd.

Art. 9. Dit besluit treedt in werking op 1 juli 2014.

Art. 10. De Vlaamse minister, bevoegd voor de economie, is belast met de uitvoering van dit besluit.

Brussel, 25 april 2014
De minister-president van de Vlaamse Regering, Vlaams minister van Economie,
Buitenlands Beleid, Landbouw en Plattelandsbeleid
K. PEETERS'Lees hier het bericht op onze blog Handelsvestigingen.

Gepost door Dirk Van Heuven

Blog Handelsvestigingen, Lokale Besturen
Tags Dirk Van Heuven, Handelsvestigingen, ICD, Integraal handelsvestigingenbeleid, Lokale besturen, NSECD
Stel hier je vraag bij dit blogbericht
28/03/2013

Nieuwe samenstelling NSECD en nieuwe secretaris ICD

Zie het Belgisch Staatsblad van vandaag::

KB 17 maart 2013. - Koninklijk besluit tot aanduiding van de leden van het Nationaal Sociaal-Economisch Comité voor de Distributie
MB 21 maart 2013. - Ministerieel besluit tot aanduiding van de secretaris van het Interministerieel Comité voor de Distributie

Gepost door Dirk Van Heuven

Blog Handelsvestigingen
Tags Dirk Van Heuven, Handelsvestigingen, ICD, NSECD
Stel hier je vraag bij dit blogbericht
26/11/2010

Samenstelling Nationaal Sociaal-Economisch Comité voor de Distributie strijdt niet met het EEG-Verdrag

In het arrest nr. 197.783 van 13 november 2009 repliceert de Raad van State als volgt op het middel dat de samenstelling van het NSECD strijdt met de artikelen 10, 81 en 82 EEG-verdrag:

"Uit artikel 10 van het EG-verdrag kan worden afgeleid dat de lidstaten geen maatregelen mogen nemen of handhaven die het nuttig effect van de op de ondernemingen toepasselijke mededingingsregels, die onder meer voortvloeien uit de artikelen 81 en 82 van het EG-verdrag, ongedaan kunnen maken.
Indien een inbreuk wordt vastgesteld op de artikelen 81 en 82 en die inbreuk kan worden toegerekend aan de betrokken lidstaat, doordat een overheidsmaatregel de vastgestelde concurrentiebeperkende gedraging oplegt, begunstigt of de werking ervan versterkt, ligt een schending voor van de eerstgenoemde verdragsbepaling.
Het feit dat de overheid haar beslissingsbevoegdheid met betrekking tot handelsvestigingen in bepaalde gevallen kan delegeren aan andere instanties, neemt niet weg dat ze er op moet toezien dat die instanties niet zijn samengesteld uit particuliere marktdeelnemers en dat ze blijk geven van voldoende onafhankelijkheid
en deskundigheid en dat ze hun beslissingen nemen in het algemeen belang (HvJ 17 oktober 1995, C-140/94, C-141/94 en C-142/94, DIP SpA, Jur. 1995, I-3257).

Overeenkomstig artikel 6 van de handelsvestigingenwet is het SECD samengesteld uit “gespecialiseerde ambtenaren van ministeriële departementen en openbare instellingen”. Uit artikel 1 van het koninklijk besluit van 8 oktober 1975 houdende samenstelling van het Sociaal-Economisch Comité voor X-11.017 en 11.016 en 11.021-28/45 de distributie kan voorts worden opgemaakt dat acht leden en acht plaatsvervangende leden worden aangewezen uit personeelsleden van verscheidene federale departementen en dat drie leden en drie plaatsvervangende leden kunnen worden voorgesteld door de gewestregeringen “onder de leden van het Gewestelijk Bestuur van de Stedenbouw en de Ruimtelijke Ordening” als vertegenwoordigers van elk van de drie gewesten. Gelet op deze bepalingen kan, in tegenstelling tot wat de verzoekende partij voorhoudt, niet worden aangenomen dat het SECD zelfs ten dele zou zijn samengesteld uit personen “die de belangen van de middenstand vertegenwoordigen”. Ook al is het ongunstige advies van het SECD bindend voor
het college van burgemeester en schepenen, toch blijkt in de gegeven omstandigheden niet dat de door de verzoekende partij bestreden beslissingen niet neutraal zouden zijn of niet in het algemeen belang zouden zijn genomen
".

De Raad van State heeft zich niet uitgesproken over de verenigbaarheid van de samenstelling van het NSECD met de Dienstenrichtlijn.

Gepost door Dirk Van Heuven

Blog Handelsvestigingen
Tags Dienstenrichtlijn, Dirk Van Heuven, Handelsvestigingen, NSECD
Stel hier je vraag bij dit blogbericht
Tags