10/08/2018

Discussie over radio- en TV-uitzendingen van erediensten voor Grondwettelijk Hof

Met arrest nr. 242.152 van 27 juli 2018 heeft de Raad van State een prejudiciële vraag gesteld aan het Grondwettelijk Hof aangaande artikel 220, §2 van het Mediadecreet.

Navraag wordt gedaan in welke mate deze bepaling het gelijkheids- en niet-discriminatiebeginsel schendt omdat de Kamer voor onpartijdigheid en bescherming van minderjarigen van de Vlaamse Regulator voor de Media enkel uitspraak mag doen over de naleving van artikel 39 van het Mediadecreet met betrekking tot de vermeende discriminatie in het programma-aanbod op verzoek van de Vlaamse regering en niet naar aanleiding van een klacht die wordt aangebracht door natuurlijke personen of rechtspersonen, terwijl laatstgenoemde personen wel een klacht mogen indien naar aanleiding van de uitzending van een specifiek programma?

Verzoekende partij had zich erover beklaagd dat er wel allerlei uitzendingen van erediensten zijn, maar dat er een volkomen afwezigheid is van een vrijzinnig-humanistisch alternatief op radio en TV. VRM verklaarde de klacht onontvankelijk.

Het is nu wachten op de procedure voor het Grondwettelijk Hof.

Gepost door Dirk Van Heuven

Blog Grondwettelijk Recht
Tags Dirk Van Heuven, Media
Stel hier je vraag bij dit blogbericht
28/03/2008

Convergentie in het akkoord van de Groep der Wijzen over de staatshervorming

In de Senaat hebben senatoren van alle fracties die betrokken waren bij de Groep der Wijzen en bij de Octopuswerkgroep het Voorstel van bijzondere wet houdende institutionele maatregelen ingediend.

De Groep der Wijzen was het ook eens dat de bevoegdheden van gemeenschappen inzake omroep moesten aangepast worden aan de actuele rechtspraak van het Grondwettelijk Hof en de invulling die hij aan deze bevoegdheid geeft.

Volgens de laatste definitie van het begrip "omroep" zijn "de gemeenschappen (...) bevoegd voor de via die infrastructuur aangeboden radio-omroepdiensten, die ook de televisie omvatten, met inbegrip van de diensten die openbare informatiegegevens verstrekken die vanuit het oogpunt van degene die uitzendt, voor het publiek in het algemeen of voor een deel ervan bestemd zijn en
geen vertrouwelijk karakter hebben, zelfs wanneer ze op individueel verzoek worden uitgezonden en ongeacht de techniek die voor het uitzenden ervan wordt gebruikt. Een dienst die geïndividualiseerde en door een vorm van vertrouwelijkheid gekenmerkte informatie levert, valt daarentegen niet onder de radio-omroep." (Arbitragehof, nr. 128/2005, 13 juli 2005, overw. B.7.2.)

Daarom omvat het ontwerp van bijzondere wet een nieuwe invulling van de bevoegdheid van de gemeenschappen inzake omroep. De omschrijving van "omroep" wordt vervangen door het begrip "de media en de elektronische communicatie met een niet-vertrouwelijk karakter".

De federale bevoegdheid inzake telecommunicatienetwerken en -diensten blijft echter ongewijzigd.

Gepost door Tim Vermeir

Tags Federale overheid, Media, Nutsvoorzieningen, Staatshervorming & Bevoegdheidsverdeling, Telecommunicatie
Stel hier je vraag bij dit blogbericht
Tags