23/05/2018

Burgemeester mag vertrouwen op politionele informatie

De Raad van State is in het arrest nr. 241.562 duidelijk:

'Eén zaak is dat de verwerende partij voor het nemen van de bestreden beslissing over motieven moet beschikken waarvan zij het bestaan bewijst en die de beslissing kunnen dragen; een andere is dat verzoekers, zo zij geloofwaardig de deugdelijkheid willen betwisten van de motieven die de verwerende partij voornemens is in aanmerking te nemen, dat moeten doen aan de hand van overtuigende gegevens.

Te dezen voert de verwerende partij politionele informatie aan waaruit zou blijken dat op 26 maart 2018 in de winkel van verzoekers twee “kwetsbare” werknemers (“illegalen”) zijn aangetroffen die “in ruil voor een schamele tegenprestatie (een hongerloon of zelfs dat nog niet) onmenselijk veel werkuren [moeten] presteren”. Twee dagen later worden in een met de winkel verbonden magazijn twee personen gevonden die zwartwerk verrichten en waarvan er één illegaal in het land verblijft. Zij verklaren dat zij aangetrokken werden door de zaakvoerders omdat die personeel verloren door een controleactie en dringend vervangers zochten. Deze politionele informatie wordt door het arbeidsauditoraat, dat een strafonderzoek voert, expliciet bevestigd.

Over de vaststellingen van 26 maart 2018 zegt tweede verzoeker, in de verweernota, niets te kunnen zeggen. Wat de vaststellingen van 28 maart 2018 betreft, gaat het volgens hem om een persoon die opsollicitatiegesprek kwam en om een vriend van zijn oudste zoon. Een nadere concrete staving van een en ander is er niet.

Dat de verwerende partij in de gegeven omstandigheden meent te mogen voortgaan op de politionele informatie waartegen zelfs geen “begin van concrete tegenelementen” wordt ingebracht, lijkt niet onterecht'.

Gepost door Dirk Van Heuven

Blog Lokale Besturen
Tags Dirk Van Heuven, Gemeenterecht, Mensenhandel
Stel hier je vraag bij dit blogbericht
12/02/2015

Ernstige aanwijzingen van mensenhandel of mensensmokkel volstaan voor sluiting inrichting

Zo oordeelde alvast de Raad van State in een arrest nr. 230.036 van 30 januari 2015:

'Opdat een preventieve politiemaatregel als bedoeld in artikel 134 quinquies van de nieuwe gemeentewet kan worden genomen, is het noodzakelijk, maar voldoende, dat er ernstige aanwijzingen zijn dat in een inrichting feiten plaatsvinden van mensenhandel of feiten van mensensmokkel.

De bestreden beslissing beslaat meerdere bladzijden. Daarin wordt omstandig uiteengezet wat er is vastgesteld naar aanleiding van de controles van de zaak van verzoekster en dat het parket geen bezwaar heeft tegen een sluitingsmaatregel. Vervolgens worden de betrokken belangen expliciet afgewogen en wordt een ‘Verantwoording van de maatregel’ gegeven waarin ondermeer wordt overwogen dat een sluiting van één maand onrealistisch is en dat het doel om de ontmoetingsplaats en de buurt vrij te maken van mensenhandel en mensensmokkel enkel kan worden verwezenlijkt door een sluiting van drie maanden ‘opdat alle contacten inzake mensenhandel en mensensmokkel permanent zouden verwateren en het veiligheidsgevoel van de buurt kan herstellen.’

In het besproken middel doet verzoekster in essentie gelden dat zij het met de verwoorde vaststellingen en beoordeling niet eens is en dat er nog gen ‘afgerond strafdossier’ of ‘effectieve vervolging’ is, laat staan al ‘een vonnis terzake’. Dit mag waar zijn, maar spreekt als zodanig niet tegen dat er wel tenminste ernstige aanwijzingen zijn met betrekking tot feiten van mensenhandel of –smokkel'.

Gepost door Dirk Van Heuven

Blog Lokale Besturen
Tags Dirk Van Heuven, Lokale besturen, Mensenhandel
Stel hier je vraag bij dit blogbericht
28/12/2012

Burgemeester kan nu ook inrichting sluiten wegens betrokkenheid bij mensenhandel

De burgemeester kan op basis van de Nieuwe Gemeentewet in bepaalde gevallen de sluiting van een inrichting bevelen. In het Belgisch Staatsblad van 28 december 2012 verscheen de wet van 1 juli 2011 tot invoering van een nieuw artikel 134quinquies in de Nieuwe Gemeentewet. Deze bepaling maakt het de burgemeester ook mogelijk een sluiting van maximum 6 maanden te bevelen indien er ernstige aanwijzingen zijn dat in de inrichting feiten van mensenhandel of mensensmokkel plaatsvinden.

Het nieuwe artikel 134quinquies bepaalt:

"Indien er ernstige aanwijzingen zijn dat in een inrichting feiten plaatsvinden van mensenhandel als bedoeld in artikel 433quinquies van het Strafwetboek of feiten van mensensmokkel als bedoeld in artikel 77bis van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, kan de burgemeester, na voorafgaand overleg met de gerechtelijke instanties, en na de middelen van verdediging van de verantwoordelijke te hebben gehoord, besluiten deze inrichting te sluiten voor de duur die hij bepaalt.
De burgemeester is gemachtigd om de inrichting te doen verzegelen indien het sluitingsbesluit niet wordt nageleefd.
Het sluitingsbesluit wordt ter kennis gebracht van de gemeenteraad op de eerste daaropvolgende zitting.
De sluitingsmaatregel duurt maximum zes maanden. Na het verstrijken van deze termijn vervalt het besluit van de burgemeester."

De bepaling treedt in werking 10 dagen na de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad.

Gepost door Jonas Riemslagh

Blog Lokale Besturen
Tags Lokale besturen, Mensenhandel
Stel hier je vraag bij dit blogbericht
Tags