02/08/2011

Wet Economische Expansie voorziet niet in vergoeding voor overheid bij doorverkoop

Artikel 32 van de wet van 30 december 1970 op de economische expansie geeft reeds jaren aanleiding tot van juridische betwistingen. Het hof van Cassatie heeft recent alvast één twistpunt beslecht.

De bepaling handelt over gronden die door een openbare rechtspersoon (veelal een gemeente of een intercommunale) werden aangeboden "voor de nijverheid, het ambachtswezen of de diensten". Ondernemingen die dergelijke gronden verwierven, moeten de economische activiteit blijven uitbaten. De overheid die de grond aanbood, beschikt over een terugkooprecht aan een voordelige prijs indien niet aan deze voorwaarde is voldaan. Ook het doorverkopen van de grond is onderworpen aan de toestemming van deze overheid.

In een arrest van 26 november 2010 oordeelde het Hof van Cassatie dat de overheid de toestemming om het goed te verkopen niet afhankelijk mag maken van een vergoeding. De gerealiseerde meerwaarde mag met andere woorden niet worden afgeroomd:

"Nochtans, op voorwaarde dat de openbare rechtspersoon hiermede instemt, zal de gebruiker het goed weer kunnen verkopen, in welk geval de akte van wederverkoop de hierboven vermelde clausules moet bevatten.

Uit die bepaling blijkt niet dat de overheid het verlenen van haar instemming met de wederverkoop van het betrokken goed krachtens artikel 32, §1, derde lid, Expansiewet, vermag afhankelijk te maken van het afstaan door de wederverkoper van de gerealiseerde meerwaarde.

Het onderdeel dat uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt naar recht."

Gepost door Jonas Riemslagh

Blog Handelsvestigingen
Tags Economische expansie, Handelsvestigingen
Stel hier je vraag bij dit blogbericht