03/06/2017

Openbaar onderzoek Inventaris Bouwkundig Erfgoed Limburg

Het agentschap Onroerend Erfgoed heeft de vaststelling voorbereid van al het bouwkundig erfgoed gelegen in de provincie Limburg.

In totaal worden er 5858 relicten en 63 bouwkundige gehelen opgenomen in de inventaris. Deze kunnen allemaal geraadpleegd worden op een overzichtskaart.

Hoewel de opname van uw eigendom in de inventaris interessant kan zijn - vanuit de overheid wordt de bescherming van erfgoed aangemoedigd en soms bevoordeeld - is er vaak ook een keerzijde. Bij een stedenbouwkundige vergunning bijvoorbeeld wordt meer in termen van behoud gedacht. Dit kan voor de eigenaar in bepaalde gevallen nare gevolgen hebben.

In dit opzicht wordt een openbaar onderzoek georganiseerd waarbij bezwaren of opmerkingen kunnen worden gemaakt.

Het agentschap Onroerend Erfgoed geeft op zijn website het volgende mee:

Waarom een vaststelling?

De vaststelling van de inventaris van het bouwkundig erfgoed van Limburg is bedoeld om het behoud van relicten en bouwkundige gehelen met erfgoedwaarde te stimuleren.

Met de vaststelling bevestigt de minister bevoegd voor het onroerend erfgoed dat alle erfgoeditems op deze lijst op het moment van de vaststelling erfgoedwaarde(n) bezitten. Ze krijgen hierdoor een aantal rechtsgevolgen die het behoud stimuleren.

Een vastgestelde lijst biedt rechtszekerheid aan eigenaars, kandidaat-kopers, bewoners en lokale overheden. Zo is er geen discussie mogelijk of een item nu wel of niet opgenomen is op de inventaris.

Wat is precies in de vaststelling opgenomen?

De vaststellingsprocedure bevat bouwkundige relicten en bouwkundige gehelen die al in het vaststellingsbesluit van 2014 werden vastgesteld en in 2017 opnieuw worden vastgesteld, maar ook relicten en bouwkundige gehelen die in 2017 voor het eerst worden vastgesteld.

Van de 5858 bouwkundige relicten en 63 bouwkundige gehelen in Limburg worden volgende gegevens vastgesteld met het nieuwe vaststellingsbesluit:

  • een gegeorefereerd plan waarop het onroerend goed nauwkeurig wordt aangeduid;
  • de benaming van het geïnventariseerde onroerend goed;
  • een beschrijving op basis van de erfgoedkenmerken

De vaststellingsprocedure behandelt daarnaast ook het bouwkundig erfgoed in Limburg dat wel opgenomen was in het vaststellingsbesluit van 2014, maar nu niet meer wordt vastgesteld omdat het niet langer erfgoedwaarde bezit of niet langer voldoende goed bewaard is, door sloop of zware verbouwingen. In totaal gaat het om 214 bouwkundige relicten en 2 bouwkundige gehelen.

Welke bezwaren zijn ontvankelijk?

Je kunt bezwaren indienen over alle feitelijkheden van het vaststellingsbesluit. Dat wil zeggen dat bezwaren enkel kunnen handelen over de gegevens van het voorliggend vaststellingsdossier, namelijk over de afbakening op het gegeorefereerd plan, de benaming en de erfgoedkenmerken.

Een beschrijving van en meer informatie over alle objecten vind je in onze wetenschappelijke inventaris op de inventariswebsite. De extra inhoudelijke informatie die je daar vindt over het bouwkundig erfgoed maakt geen deel uit van de vaststelling.

Tijdens de vaststellingsprocedure kunnen geen nieuwe relicten of bouwkundige gehelen aan de vaststelling toegevoegd worden.’

Opmerkingen of een bezwaar indienen kan tot en met 30 juli 2017.

Het valt zeker aan te raden een kijkje te nemen op de inventaris en de website.

Gepost door Meindert Gees

Tags Erfgoed, Meindert Gees
Stel hier je vraag bij dit blogbericht
20/07/2017

Hoge drempel bij UDN-prtocedures voor eigenaars van rijwoningen

Zo kan toch afgeleid worden uit het arrest nr. UDN/1617/1062 van de Raad voor Vergunningsbetwistingen:

'De ingeroepen nadelige gevolgen overtuigen niet de rechtvaardiging van het aanwenden van de procedure bij uiterst dringende noodzakelijkheid. Terecht werpt de tussenkomende partij tegen dat de uitbreidende rijwoning deel uitmaakt van een huizenrij tegenover het station, en dat die omgeving bij de beoordeling van de verantwoording van de uiterst dringende noodzakelijkheid in aanmerking genomen moet worden. De verzoekende partijen omschrijven de… Zelf als een "monumentale straat (…) met een opeenvolging van herenhuizen en meeste woningen". Nadelen die inherent zijn aan een dergelijk aaneengesloten bebouwde omgeving kunnen in beginsel geen behandeling bij uiterst dringende noodzakelijkheid verantwoorden. De verzoekende partijen overtuigen niet van het bestaan van uitzonderlijke, aan de zaak eigen omstandigheden om daar anders over te oordelen.

Gepost door Dirk Van Heuven

Blog Lokale Besturen, Vlaams Omgevingsrecht
Tags Dirk Van Heuven, Raad voor Vergunningsbetwistingen, Ruimtelijke ordening & Stedenbouw
Stel hier je vraag bij dit blogbericht
18/07/2017

Archeologiereglementering gewijzigd

Vandaag werden een aantal wijzigingen aan het Onroerenderfgoeddecreet gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Er wordt hoofdzakelijk gesleuteld aan de archeologienota waarbij voorzien wordt in een aantal verduidelijkingen maar ook in nieuwe vrijstellingen. HIeronder vindt u een aantal van deze verduidelijkingen en vrijstellingen.

Voor het louter verbouwen of herbouwen van een bestaande constructie, zonder bijkomende ingreep in de bodem of voor de regularisatie van vergunningsplichtige projecten en waarbij alle ingrepen in de bodem al zijn uitgevoerd, hoeft geen archeologienota te worden opgesteld. Met deze verduidelijking worden de puntjes op de ‘i’ gezet.

Daarnaast wordt er in een vrijstelling voorzien voor enkele werkzaamheden buiten het gabarit van de bestaande lijninfrastructuur. Tot nu waren enkel de werken binnen het gabarit vrijgesteld.

Wanneer de stedenbouwkundige aanvraag kadert in verbeterd bodembeheer en uitsluitend betrekking heeft op een reliëfwijziging in agrarisch gebied, niet gelegen in een archeologische zone, als gevolg van een afgraving van teelaarde tot 40 cm en de latere toevoeging met dezelfde teelaarde, geldt er eveneens een nieuwe vrijstelling.

Nog dient er geen archeologienota te worden opgesteld bij de aanvraag tot het louter bijstellen van een omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden, mits dit niet gepaard gaat met bijkomde ingrepen in de bodem.

Voor meer informatie vindt u hier de publicatie in het Belgisch Staatsblad.

Belangrijk is alvast de inwerkingtreding van dit wijzigingsdecreet, met name 1 juni 2017, bijna 7 weken geleden.

Gepost door Meindert Gees

Blog Ruimtelijke ordening en stedenbouw
Tags Meindert Gees, Ruimtelijke ordening & Stedenbouw, Vlaams omgevingsrecht
Stel hier je vraag bij dit blogbericht
17/07/2017

Vlaamse Regering keurt conceptnota goed met het oog op het aanpassen van het Decreet Onroerend Erfgoed

Regering gaf op 14 juli 2017 haar principieel akkoord aan de conceptnota omtrent het decreet onroerend erfgoed. Het nieuwe decreet is namelijk 1 jaar van kracht. Op basis van de voorziene evaluatie, worden in deze conceptnota een aantal aanpassingen voorgesteld. Het betreft, naast een aantal eerder technische wijzigingen, ook diverse inhoudelijke aanpassingen. Kort samengevat gaat het om volgende voorstellen tot aanpassingen:

- Meer flexibiliteit voor intergemeentelijke onroerend erfgoeddiensten 
- Versoepelen van de oppervlaktecriteria waarvoor archeologisch traject nodig is buiten de archeologische zones 
- Inzet van erkende archeologen 
- Actualisatie inventarissen eenvoudiger doen verlopen
- Versoepeling en versnelling van de opmaak van de archeologienota en verhoging premie archeologische kosten van 40 % naar 80 %.
- Ophef verplichting beheersplan
- Premies 
     - Een bijkomende premie voor verplicht uit te voeren archeologisch vooronderzoek    
     - Het verhogen van de premie voor buitensporige opgravingskosten   
     - Een verhoogde premie van 60% kan worden toegekend in bepaalde gevallen
     - Een bijkomende premie van 10% kan worden toegekend voor beschermde goederen waarvoor er geïnvesteerd werd in regelmatig onderhoud en dagelijks beheer

Het dossier zal nu door de bevoegde minister verder vorm worden gegeven. We blijven u hiervan uiteraard informeren.

Gepost door Evelien Dumoulin

Blog Vlaams Omgevingsrecht
Tags Erfgoed, Merlijn De Rechter, Ruimtelijke ordening & Stedenbouw, Vlaams omgevingsrecht
Stel hier je vraag bij dit blogbericht
13/07/2017

Steve Ronse en Michiel Descheemaeker publiceren noot 'Publieke en private erfdienstbaarheid van doorgang: niet helemaal hetzelfde' (TROS 2017, afl. 85, 41-49)

In deze noot bespreken Steve en Michiel een vonnis van de Rechtbank van eerste aanleg van Brussel. De rechtbank diende zich uit te spreken of een particulier al dan niet terecht afsluitingen mocht plaatsen op zijn perceel, waardoor het publiek zich niet meer over dit perceel kon verplaatsen. De gemeente vorderde de verwijdering van deze afsluitingen. Het besproken vonnis kan gelezen worden als een ware handleiding die uitlegt aan welke voorwaarden voldaan moet worden indien een gemeentelijke overheid een beroep wil doen op een publiekrechtelijke erfdienstbaarheid van overgang. Tot slot werd in de noot kort vooruitgeblikt welke veranderingen het 'Gemeentewegendecreet' met zich mee zal brengen.

Blog Publius Nieuws
Tags Michiel Descheemaeker, Steve Ronse
Stel hier je vraag bij dit blogbericht
04/07/2017

Dirk Van Heuven en Leandra Decuyper publiceren artikel 'Het decreet integraal handelsvestigingenbeleid. Een (r)evolutie' (T.Gem. 2017 nr.2, 78-89)

Door de zesde staatshervorming werd de materie inzake handelsvestigingen – grootschalige winkels – overgeheveld naar de gewesten. Na het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en het Waals Gewest beschikt nu ook het Vlaams Gewest over een geregionaliseerde handelsvestigingsreglementering. Het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid (verder ook Handelsvestigingsdecreet genoemd), dat op 29 juli 2016 in het Belgisch Staatsblad werd gepubliceerd, schaft de federale Handelsvestigingswet van 13 augustus 20045 geheel af en introduceert een volledig nieuw regelgevend kader dat aansluit bij de nieuwe omgevingsvergunningsreglementering. In dit artikel geven Dirk en Leandra een eerste toelichting bij het nieuwe decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid. Daarbij wordt vooral de aandacht besteed aan wat verandert, met een bijzondere focus op de voor gemeenten relevante veranderingen.

Tags