29/03/2018

Litigation van advocaten toch onder overheidsopdrachtenreglementering?

Het Grondwettelijk Hof werd gevat met een rechtstreeks vernietigingsberoep tegen artikel 28, § 1, 74° Overheidsopdrachtenwet 2016, dat van de verplichting tot overheidsopdracht uitsluit:

'4° een van de volgende juridische diensten :
  a) de vertegenwoordiging in rechte van een cliënt door een advocaat als bedoeld in artikel 1 van richtlijn 77/249/EEG van de Raad van 22 maart 1977 tot vergemakkelijking van de daadwerkelijke uitoefening door advocaten van het vrij verrichten van diensten, en dit in het kader van :
  i een arbitrage- of bemiddelingsprocedure in een lidstaat, een derde land of voor een internationale arbitrage- of bemiddelings-instantie, of
  ii een procedure voor een rechter of overheidsinstantie van een lidstaat of een derde land of voor een internationale rechter of instantie;
  b) juridisch advies dat wordt gegeven ter voorbereiding van de procedures als bedoeld in de bepaling order a), of indien er concrete aanwijzingen zijn en er een grote kans bestaat dat over de kwestie waarop het advies betrekking heeft, een dergelijke procedure zal worden gevoerd, mits het advies door een advocaat is gegeven in de zin van artikel 1 van voormelde richtlijn 77/249/EEG;
  c) het waarmerken en voor echt verklaren van documenten door een notaris;
  d) juridische dienstverlening door bewindvoerders of aangewezen voogden, en andere juridische dienstverlening waarvan de aanbieders door een rechterlijke instantie van de betrokken lidstaat, of van rechtswege, aangewezen zijn om specifieke taken te verrichten onder toezicht van die rechterlijke instanties;
  e) andere juridische diensten die in het Rijk al dan niet incidenteel verband houden met de uitoefening van het openbaar gezag'

Deze bepalig, inzoverre  het de juridische diensten die erin worden opgesomd, uitsluit van het toepassingsgebied van de regelgeving met betrekking tot de overheidsopdrachten die zij bevat, vindt rechtsgrond in artikel 10, c) en d), i), ii) en v), van de richtlijn 2014/24/EU.  Daarin wordt bepaald dat de arbitrage- en bemiddelingsdiensten, de zogenaamde ''litigation'-diensten, de diensten van advocaten en de rechtskundige diensten 'die in de betrokken lidstaat al dan niet incidenteel verband houden met de uitoefening van het openbaar gezag', worden uitgesloten van de bij de richtlijn geharmoniseerde plaatsingsregels voor diensten, hetgeen tot gevolg heeft dat lidstaten niet verplicht zijn om die specifieke diensten te onderwerpen aan de algemene plaatsingsregels, die uit de richtlijn voortvloeien.

Het Grondwettelijk Hof twijfelt in het arrest nr. 43/2018 van 29 maart 2018 aan de wettigheid ... van de richtlijn en stelt volgende prejudiciële vraag:

'Is artikel 10, c) en d), i), ii) en v), van de richtlijn 2014/24/EU van het Europees Parlement en van de Raad van 26 februari 2014 « betreffende het plaatsen van overheidsopdrachten en tot intrekking van Richtlijn 2004/18/EG » verenigbaar met het gelijkheidsbeginsel, al dan niet in samenhang gelezen met het subsidiariteitsbeginsel en met de artikelen 49 en 56 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, doordat de daarin vermelde diensten worden uitgesloten van de toepassing van de plaatsingsregels in de voormelde richtlijn die nochtans de volle mededinging en het vrije verkeer waarborgen bij de aanschaf van diensten door de overheid ?'

De advocatuur wacht het antwoord op deze vraag met een bang hart af.

Gepost door Dirk Van Heuven

Blog Lokale Besturen, Overheidscontracten
Tags Dirk Van Heuven, Overheidsopdrachten
Stel hier je vraag bij dit blogbericht
11/06/2018

HR update!

Celine Van De Velde vervoegt in augustus onze Kortrijkse vestiging als stagiaire van Jan Beleyn. Celine studeerde aan de Ugent en studeert deze zomer af als master in de rechten.

Achille Hannoset zal in oktober het Antwerpse kantoor versterken en wordt stagiair van Dirk Van Heuven. Achille studeerde aan de Universiteit Antwerpen. In 2015 studeerde hij af als master in de rechten. Daarna volgde hij een LLM in Toulouse. Thans vervolmaakt hij een LLM Energy & Climate Law aan de universiteit van Groningen.

Publius blijft groeien. Bekijk hier onze Kortrijkse en Brusselse vacature!

Blog Publius Nieuws
Stel hier je vraag bij dit blogbericht
11/06/2018

Mogelijke telefoonhinder door werken!

Telenet voert van 14 t.e.m. 25 juni werken uit in Kortrijk. Hierdoor zullen we niet altijd even goed telefonisch bereikbaar zijn. Wij stellen technisch alles in het werk om de hinder zo beperkt mogelijk te houden. Kan je ons toch niet bereiken of wordt de lijn plots verbroken, stuur ons dan een mailtje (info@publius.be) met de vraag om je terug te contacteren. Dank voor je begrip.

Blog Publius Nieuws
Stel hier je vraag bij dit blogbericht
08/06/2018

Stedenbouwkundige verordeningen vallen ook onder de plan-MER-richtlijn

In een arrest van het Hof van Justitie van 7 juni 2018 (nr. C-671/16) staat het volgende te lezen aangaande een Brusselse Stedenbouwkundige Verordening:

"Uit de lezing van de bestreden verordening volgt dat zij met name voorschriften bevat met betrekking tot de inrichting van zones die zich in de omgeving van de gebouwen en de andere vrije ruimten bevinden, van doorgangsgebieden, van zones met koeren en tuinen, de omheiningen, de aansluitingen van de bouwwerken op de netwerken en op de riolering, de opvang van het regenwater en diverse kenmerken van de bouwwerken, met name het veelzijdig en duurzaam karakter ervan, bepaalde van hun uiterlijke kenmerken of nog de toegang van voertuigen tot de bouwwerken.

In het licht van de wijze waarop zij zijn omschreven, kunnen de door een dergelijke verordening vastgestelde criteria en modaliteiten, zoals de advocaat-generaal in punt 30 van haar conclusie heeft opgemerkt, aanzienlijke gevolgen hebben voor het stedelijk milieu.

Zulke criteria en modaliteiten kunnen immers, zoals de Commissie heeft benadrukt, een invloed hebben op de verlichting, de wind, het stedelijk landschap, de luchtkwaliteit, de biodiversiteit, het waterbeheer, de duurzaamheid van de bouwwerken en, meer in het algemeen, op de uitstoot in de betrokken zone. Meer in het bijzonder en zoals in de preambule van de bestreden verordening vermeld, kunnen het bouwvolume en de plaatsing van hoge gebouwen ongewenste schaduw- of windeffecten veroorzaken.

Gelet op deze gegevens, waarvan de verwijzende rechter echter het bestaan en de draagwijdte moet beoordelen rekening houdend met de betrokken verordening, dient te worden geoordeeld dat een verordening zoals aan de orde in het hoofdgeding valt onder het begrip „plannen en programma’s” in de zin van artikel 3, leden 1 en 2, van de SMB-richtlijn, die aan een milieueffectbeoordeling moet worden onderworpen."

Het integrale arrest vindt u hier.

Gepost door Merlijn De Rechter

Blog Lokale Besturen
Tags Brussels omgevingsrecht, Lokale besturen, Merlijn De Rechter, Vlaams omgevingsrecht
Stel hier je vraag bij dit blogbericht
Tags